Kleuren mengen

Op het moment je een kleurencirkel kan gebruiken voor het mengen van kleuren krijg je een grotere controle over je mengingen. Dit stukje kleurenleer leg ik uit aan de hand van onderstaande kleurencirkel.

– In de binnenste cirkel (I op afbeelding) staan enkel de primaire en secundaire kleuren. Primaire kleuren, de basiskleuren, kan je niet mengen. De primaire kleuren zijn; citroengeel, een rood dat naar magenta neigt en een blauw dat eerder naar turquoise dan naar paars neigt. De secundaire kleuren zijn een specifieke kleur groen, oranje en paars. Je kan secundaire kleuren mengen m.b.v. twee primaire kleuren.

– In de binnenste ring (II) zijn warm rood, warm geel en ultramarijn toegevoegd. Als je wilt leren mengen is het goed om je een tijdje te beperken tot deze drie kleuren en de drie primaire kleuren.  

De secundaire kleuren zijn in de binnenste ring gemengd door gebruik te maken van de kleuren die aan weerszijden het dichtst bij de secundaire kleuren liggen. Het groen blijft dus dezelfde kleur, want er is geen nieuwe kleur geplaatst tussen het citroengeel en het primair blauw.

Een menging van kleuren die dichtbij elkaar liggen in de kleurencirkel is feller van toon dan een menging van kleuren die ver van elkaar liggen in de kleurencirkel.  Daardoor is het paars, groen en oranje in de binnenste cirkel wat valer als in de aangrenzende ringen.

– In de buitenste ring (III) zijn meer kant en klare verfkleuren aangebracht. Aardtinten en grijzen zijn natuurlijk achterwege gelaten, want die horen niet in de kleurencirkel. De gemengde secundaire kleuren in de buitenste schijf zijn feller omdat de mengkleuren nog dichter bij elkaar liggen in de kleurencirkel.

Complementaire kleuren

De kleuren die tegenover elkaar liggen in de kleurencirkel versterken elkaar op het moment ze naast elkaar worden geplaats. Dezelfde oranje bal lijkt dus intenser van kleur tegen een primair blauwe lucht dan in een groen grasveld.

Je kan een kleur donkerder maken door menging met een complementaire kleur. Als je een beetje citroengeel toevoegt aan paars wordt je paars dus donkerder. Veel mensen verbaast dat omdat geel een lichte kleur is. Met behulp van complementaire kleuren kan je mooie schaduwkleuren maken.  Door complementaire kleuren te mengen kan je zowel donkere, grijze als bruine tinten creëren.

Let op;

Een verfkleur kan een primaire kleur slechts benaderen. Dit verklaart ten dele waarom met name tot primair blauw en rood betitelde verven van verschillende merken kunnen verschillen in kleur. Een fabrikant kan ook kiezen voor een welbepaalde tint geel, blauw of rood omwille van bijvoorbeeld de fabricageprijs. Het pigment of de pigmenten die in een verf verwerkt zijn bepalen de prijs. Daarom zijn verven op basis van pigmenten gewoonlijk ingedeeld in prijsklassen. Houdt daarom bij inkopen in gedachte dat primair geel koud geel is (citroengeel), primair rood een koud rood (bijvoorbeeld kraplak rood) en primair blauw eerder naar turquoise neigt dan naar paarsblauw.

Opmerking;

In de schilderkunst wordt gewoonlijk koud rood tot één van de drie primaire kleuren bestempeld. In de praktijk levert dat een fijn mengbereik op en mooie kleurschakeringen. De meeste kunstenaars hebben daarom een koud rode kleur op hun palet. Feitelijk beschouwd is een magentatint die neigt naar rood één van de drie primaire kleuren. In theorie kan je dus evengoed specifieke roze tinten gebruiken als primaire kleur als koud rood.

Monogepigmenteerde kleuren;

Dit zijn kleuren waarin slechts één pigment is gebruikt. Een groene kleur kan bijvoorbeeld gele en blauwe pigmenten bevatten of slechts één groen pigment. Verfkleuren op basis van één pigment blijven in mengingen langer fris als verfkleuren die zijn samengesteld uit twee of meerdere pigmenten. 

error: Alert: Content selection is disabled!!